
Inleiding
In de Bordeaux is het domicilie van een wijnproducent meestal een château, in de Bourgogne doorgaans een domein. In de Bourgogne liggen ook châteaus, van veredelde jachthuizen tot halve paleizen. Binnen sommige kasteelmuren worden uitstekende Bourgognes gemaakt. In drie bijdragen presenteer ik een aantal châteaus in de Bourgogne. In de eerste bijdrage bezoeken wij de Chablisien, de Auxerrois en de Côte d’Or (Côte de Nuits en Côte de Beaune).
Château de Fleys
Op weg van Tonnerre naar Chablis ligt, vlak nadat je de bebouwde kom van Fleys hebt verlaten, aan je rechterhand Domaine du Château de Fleys. Het was André Philippon die in 1988 het château (een voormalig jachthuis) en de belendende wijngaarden kocht. In de meest recente jaren maakten zijn kinderen Béatrice, Benoît en Olivier van het domein, met inmiddels 25 ha aan wijngaard onder hun hoede, een regelrecht succesverhaal. Het wijntijdschrift Bourgogne Aujourd’hui: “La qualité des vins a véritablement «explosé» au cours des derniers millésimes.” Let onder meer op de speciale cuvées Chablis.
Château de Béru
Langs dezelfde weg ligt vlak vóór Fleys aan je linkerhand het kleine wijndorp Béru. In de jaren ’80 van de vorige eeuw plantte Éric de Béru wijnranken aan op het landgoed rondom het château. Dochter Athénaïs heeft inmiddels de leiding van het domein overgenomen. Le Guide Hachette des Vins: “Jeugd en moderniteit zorgen voor een nieuw elan.” Staat niet voortdurend in de kijker bij de wijngidsen en wijntijdschriften, maar krijgt wel weer een vermelding in de meest recente editie (2023) van mogelijk de meest gezaghebbende wijngids van allemaal: Hugh Johnsons Pocket Wine Book. Eén van Johnsons overwegingen is het biologisch-dynamische gedachtegoed van het domein. Weet verder dat een mooie maanwijzer de gevel van het château siert.
Domaine du Château du Val de Mercy (Chitry)
Bij (wijn-)châteaus in de Bourgogne gaat de naam soms vooraf met ‘domaine du’, zoals bij dit château dat in Chitry ligt. De gemeente Chitry mag zich bogen op een eigen AOC (‘Bourgogne Chitry’, een appellation régionale binnen het wijndistrict Auxerrois). Maar de belangen van Domaine du Château du Val de Mercy, dat tevens een handelsonderneming herbergt, reiken veel verder. Het heeft inmiddels een tweede vestiging in Pommard, die vooral rode appellations uit de Côte de Beaune produceert. Om in de buurt van Chitry te blijven: een altijd goede Chablis, wit natuurlijk, en een uitstekende rode Bourgogne Coulanges-la Vineuse.
Château de Marsannay
Château de Meursault
Ik noem deze twee châteaus in één adem, omdat ze allebei in het bezit zijn van het handelshuis Patriarche in Beaune. Ooit werden ze ook door een gerespecteerde bourgognekenner “pretentieuze toeristenvallen” genoemd. Ik dien milder te zijn, maar ik vind hun Bourgognes wel prijzig. Je zou respectievelijk kunnen gaan voor de geslaagde (generieke) rode Marsannay 2020 (één ster in Le Guide Hachette des Vins 2023) en de (generieke) witte Bourgogne, in Meursault welteverstaan. Donders lekkere Bourgognes (grote fan van de Volnay 1er Cru ‘Clos des Chênes’ uit Meursault), dankbaar om te proeven tijdens de grotere beurzen of salons, maar ik loop vanwege die relatief hoge prijzen de deuren van deze châteaus niet plat.
Château Corton C. (Aloxe-Corton)
Toen Château Corton C. (voorheen: Château Corton-André) in handen viel van Caroline Frey, oenologe en dochter van de nieuwe eigenaar, gunde zij zichzelf tien jaar de tijd om de Bourgogne al haar haar facetten te begrijpen. Maar in de helft van de tijd wist zij niet alleen het karakter van het terroir in en rondom Aloxe-Corton te doorgronden, maar ook zijn typicité in haar Bourgognes uit te drukken. Tegelijkertijd sloeg zij de weg in die ertoe heeft geleid dat de 7 ha wijngaard inmiddels als biologisch zijn gecertificeerd. Haar Bourgognes worden door de wijntijdschriften als ‘exceptioneel’ gekwalificeerd. Hierbij mag je denken aan rode en witte Aloxe-Corton (van Grands Crus tot villages), maar ook aan een uitstekende rode Ladoix.
Château de Savigny-lès-Beaune
Wanneer je houdt van antieke raceauto’s, brandweerauto’s, motors, tractors, straalvliegtuigen, helikopters én bourgognewijnen. Voor de liefhebbers genieten geblazen, voor de rest veel blik en weinig kasteel. Ik beken nog nooit één van deze wijnen te hebben geproefd, laat staan gedronken. Wel dé absolute blikvanger in het wijndorp en een amusante dissonant in de wijnregio Bourgogne.
Château de Pommard
Dit château wisselde deze eeuw reeds twee maal van eigenaar en het werd er alleen maar chiquer op. Het emblematische château, waarvan de oorsprong teruggaat tot 1727, heeft zich nadrukkelijk gericht op het wijntoerisme. Elk jaar passeren 35.000 wijnliefhebbers de deuren van het domein (ruim 22 ha) en kopen in de boutique van het kasteel een groot deel van de wijnproductie. Het mag dan ook geen ‘bezoek’ heten, maar een experience. Naast de productie van de eigen Bourgognes koopt het château als handelshuis voor een deel de druiven in. Gelegen langs de bekende Route des Grands Crus is Château de Pommard letterlijk en figuurlijk niet te missen. Hotel, restaurant en een spa in aanbouw. Proefarrangementen van pakweg 20 tot rond de 100 euro. Door het château met nadruk én met trots naar voren geschoven: diverse cuvées van het monopole ‘Clos Marey-Monge’ (sinds kort biologisch-dynamisch gecertificeerd).
Château de Monthelie
Door kenners en liefhebbers getypeerd als één van de meest familiaire châteaus, waarvan de tweede naam Domaine Eric de Suremain luidt. Goudeerlijke en overheerlijke Bourgognes (al meer dan 25 jaar biologisch-dynamisch gecertificeerd) met af en toe een charmant rustiek randje. Dit domein is het perfecte excuus om met de relatief onbekende AOC Monthélie (nu wel met een accent aigu), de verguisde buur van Volnay, kennis te maken. De inzet van Éric de Suremain voor biologisch-dynamische wijnbouw betekent onder meer respect voor het terroir, handmatig oogsten, vinificatie en rijping in eikenhouten vaten. Je bent van harte welkom om zijn Bourgognes te proeven, maar wel na het hebben gemaakt van een afspraak. Sinds het proeven van enkele cuvées tijdens Grands Jours de Bourgogne 2018 hoog in mijn lijstje favoriete bourgondische domeinen.
Château de Santenay
Een château dat is terug te leiden tot de tijd van de eerste bourgondische hertog (Filips de Stoute). De massieve slottoren dateert uit de 14e eeuw, de cuverie die zo’n twintig jaar geleden werd gebouwd was voor zijn tijd ultramodern. De mooie tuin leent zich voor een kleine wandeling. Het grote bourgondische domein van 96 ha produceert ongeveer vijftig cuvées. Ik blijf het opvallend vinden dat het château regelmatig hoog scoort met zijn witte Mercurey. Nou ja, ’t is wel dat de Côte Chalonnaise om de hoek ligt. De gloednieuwe internetsite van het kasteel annex domein (Domaine du Château Philippe Hardi) vertelt je alles over de arrangementen die het château aanbiedt. Zijn Bourgognes zijn niet zelden te vinden in de grotere bourgondische supermarkten.
Château de la Crée (Santenay)
Tijdens een wandeling vorig jaar langs de wijngaarden van Santenay, die mij uiteindelijk zou leiden tot Château de Santenay, passeerde ik dit welhaast even imposante optrekje. Château de la Crée werd in 2015 gekocht door Grace en Ken Evenstad, eigenaren van Domaine Serene Winery in Oregon (Verenigde Staten). Naast de 10 ha wijngaard nam het stel ook een handelsactiviteit over, in 2008 geïnitieerd door de voorganger Nicolas Ryhiner, onder de naam ‘Les Tourelles de la Crée’. Twee redenen voor een vermelding: allereerst zijn alom bejubelde Bourgognes. Men speelt onder meer een perfecte thuiswedstrijd met rode Santenay en met rood uit diens meer ongekende buur: AOC Maranges. Ten tweede om deze naam goed te onthouden tijdens mijn volgende bezoek aan de Bourgogne.