Bourgogne buiten de gebaande paden I

Het thema deze zomer: ‘Bourgogne buiten de gebaande paden’. Volgt de eerste van de vier bijdragen. Wij beginnen in het noorden van de Bourgogne.

Chitry (Wijn uit Bourgogne)
Wijngaarden ten zuiden van Chitry

Inleiding
Ongeveer vijftien jaar geleden kocht ik in Beaune Burgundy: How to Find Great Wines Off the Beaten Track (2005) van de Engelse wijnschrijver Patrick Matthews. Het boek is inmiddels niet meer als nieuw verkrijgbaar, al is het tweedehands soms nog te vinden. Matthews’ tochten door de Bourgogne en zijn observaties vormen het vertrekpunt voor de komende vier bijdragen. De caves die hij destijds bezocht en die nog altijd uitstekende Bourgognes maken, worden vijftien jaar later opnieuw bekeken (de Engelse citaten zijn van Matthews). Uiteraard betekent ‘buiten de gebaande paden’ in 2020 iets anders dan in 2005; daarover meer in de tweede bijdrage. We beginnen onze reis in het noorden van de Côte d’Or en trekken vervolgens westwaarts, naar het departement Yonne.

Buiten de ‘buiten de gebaande paden’
Patrick Matthews laat in zijn boek twee wijndistricten in de Bourgogne onbesproken. We bevinden ons hier dus letterlijk off off the beaten track. Om te beginnen ontbreekt bij Matthews de Châtillonnais. De wijngaarden van dit gebied, net ten zuiden van de Champagne, zijn grotendeels bestemd voor Crémant de Bourgogne. Volg bijvoorbeeld de 120 kilometer lange Route du Crémant, die ten noorden van Châtillon-sur-Seine door een charmant, landelijk landschap voert langs de valleien van de Seine, Laigne en Ource. In de Guide des Caves 2020 (verkrijgbaar bij elke VVV) staan tien gastvrije adressen waar je deze bourgondische bubbels kunt proeven en kopen. Het ene domein is wellicht net iets beter of ruimer gesorteerd dan het andere, maar allemaal zijn ze een bezoek waard. De Châtillonnais is niet alleen een Bourgogne ‘buiten de gebaande paden’, maar ook een streek waar zowel stille als mousserende wijnen tegen zeer vriendelijke prijzen worden aangeboden.

Nieuw in de Guide des Caves 2020 is de vermelding van Domaine de Flavigny-Alésia, dat gemakshalve (maar ten onrechte) onder de Châtillonnais is gerubriceerd. Het domein ligt in Flavigny-sur-Ozerain, vijftig kilometer ten zuiden van Châtillon-sur-Seine, in het zeer kleine wijndistrict Coteaux de l’Auxois. Een speciale route kent deze door velen vergeten wijnvlek van Bourgogne niet. Voor een eerste kennismaking kun je terecht bij de Maison de Pays de l’Auxois in Pouilly-en-Auxois. Hier vind je onder meer de rode wijnen (die vanwege hun IGP-classificatie geen ‘Bourgogne’ mogen heten) van Domaine de Flavigny-Alésia. Ze zijn voortreffelijk en doen je de bekendere Bourgognes – al is het maar even tijdelijk – vergeten.

In het spoor van Patrick Matthews: de Grand Auxerrois
Bij de gedachte aan Bourgogne zal de Jovinien waarschijnlijk niet als eerste wijnstreek opkomen. Dit gebied, gelegen in het uiterste noordwesten van de Bourgogne, maakt deel uit van de Grand Auxerrois. De wijngaarden liggen rondom de stad Joigny, met de beste percelen ten noorden ervan, op La Côte Saint-Jacques. In de Jovinien vind je vrijwel alle bourgondische druivenrassen terug. Uniek is de vin gris: een rosé-achtige Bourgogne, meestal gemaakt van pinot gris. Matthews wees in zijn boek op Domaine Alain Vignot in Paroy-Tholon (“surprisingly rich wines”). Een ander domein dat niet onvermeld mag blijven is Domaine Christophe Lepage in Champlay. Matthews schreef: “A serious grower […] an excellent vin gris.” Lepage (inmiddels de zoon Serge) werkt volledig biologisch en gebruikt een trekpaard in de wijngaarden. Het eerste domein hanteert vaste openingstijden; het tweede is uitsluitend op afspraak te bezoeken.

In het noordoosten van de Grand Auxerrois ligt de Tonnerrois. De rivier de Armançon scheidt Tonnerre (witte Bourgognes) van Épineuil (rode Bourgognes en rosé). De laatste jaren wordt Bourgogne Chitry steeds vaker genoemd als alternatief voor de almaar duurder wordende Chablis. Het zou mij niet verbazen als Bourgogne Tonnerre binnenkort dezelfde rol krijgt ten opzichte van Chitry. Beide plaatsen bieden een ruim aanbod aan domeinen. Wie het bijzondere zoekt, kan niet om Domaine Céline Coté in Molosmes heen, iets meer dan twee kilometer ten oosten van Épineuil. Biodynamisch, opnieuw met een trekpaard in de wijngaard. Haar Bourgognes zijn wat duurder dan die van collega’s in de streek, maar zonder meer de moeite waard (“The reds are intense.”).

De Vézelien vormt de derde en laatste streek die de Auxerrois letterlijk grand maakt. Deze wijnstreek ligt ten zuiden van het historische Vézelay. In Vézelay zelf kun je gemakkelijk een goede Bourgogne vinden (er is zelfs een dependance van La Chablisienne). Wie de drukte wil vermijden, kiest beter voor het lager gelegen Saint-Pierre. De basiliek van Vézelay mag wereldberoemd zijn, maar dit dorp beschikt over een bijzonder fraaie, recent gerestaureerde kerk. Voor goede Bourgognes ga je hier naar Vignerons de la Colline Éternelle (voorheen Cave de Henry de Vézelay). Uniek in deze streek is hun witte Melon de Bourgogne. Matthews: “This is a much gentler, rounder wine than Muscadet.” Ideaal bij mosselen en vriendelijk geprijsd.

In het spoor van Patrick Matthews: de Chablisien en de Auxerrois
Veel Chablis-liefhebbers beperken hun bezoek tot het wijndorp Chablis zelf, waar inderdaad meer dan genoeg te beleven valt. Maar een rondje rondom Chablis, langs dorpen met eveneens verdienstelijke domeinen, loont zeker. Zelfs in relatief bekende plaatsen als Fleys en Préhy bekruipt me soms het gevoel mij in the middle of nowhere te bevinden. In Préhy ligt het grote, onmiskenbare domein van Jean-Marc Brocard (“one of the success stories of the last two decades”). Hier kocht ik mijn eerste – en nog altijd onvergetelijke – Chablis.

Steeds meer Bourgogneliefhebbers rijden tegenwoordig via Courgis (nog altijd Chablisien) onder de A6 door de Auxerrois binnen. Aanraders om te bezoeken zijn Chitry (wit, chardonnay), Saint-Bris-le-Vineux (wit, sauvignon blanc), Bailly (Crémant de Bourgogne) en Irancy (rood, pinot noir). Wie echt buiten de gebaande paden wil treden, steekt de Yonne over naar Coulanges-la-Vineuse voor zijn fruitige rode Bourgogne Coulanges-la-Vineuse. In en rond dit rustige wijndorp liggen veel goede domeinen, maar de meeste vingers wijzen nog altijd – net als bij Patrick Matthews destijds – naar Michel Martin (“my favorite grower”). Inmiddels ook de mijne. Naast zijn fantastische witte en rode wijnen (twee cuvées) maakt hij een van de lekkerste rosés die ik ooit heb gedronken.

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.