Wij bezoeken het departement Saône-et-Loire, te beginnen met het wijndistrict Côte Chalonnaise. Voor sommigen relatief onbekend, in de wijnpers echter jaarlijks opnieuw ontdekt. Nogmaals, wie Patrick Matthews is? Hij is de auteur van Burgundy: How to Find Great Wines Off the Beaten Track, de inspiratiebron voor deze bijdragen.

Inleiding
Geen wijndistrict in de Bourgogne is de afgelopen jaren zo nadrukkelijk naar voren geschoven als alternatief voor de dure Bourgognes uit de Côte d’Or als de Côte Chalonnaise. Nog recent noemde Robert M. Parker Jr., een van ’s werelds meest invloedrijke wijncritici, de Côte Chalonnaise de secret garden van de Bourgogne. Daarbij betrok hij ook de zuidrand van de Côte de Beaune (Santenay en Maranges). Een wat bevreemdende manier om binnen de Bourgogne grenzen te trekken, maar vooruit: in de vorige bijdrage vond ik deze twee AOC’s zelf ook een extra vermelding waard.
Dankzij de media-aandacht zijn de vijf AOC’s met appellation villages binnen de Côte Chalonnaise bij de gemiddelde Bourgognekenner inmiddels wel bekend: Bouzeron (100% aligoté), Rully, Mercurey, Givry en Montagny (100% chardonnay). In deze bijdrage richten wij ons drie keer op de periferie van enkele van deze bekende wijndorpen, met de kanttekening dat de AOC Montagny is vernoemd naar het wijndorp Montagny-lès-Buxy.
In het stadje Chagny valt wat wijn betreft weinig te beleven, op één uitzondering na: het verdienstelijke Domaine Natalie Richez, vlak bij het station. Vanuit Chagny rijden wij over de D971 zuidwaarts, een weg die door het hele wijndistrict voert. Al snel passeren wij rechts achtereenvolgens de AOC’s Bouzeron en Rully. Na tien kilometer biedt een rotonde de keuze: rechtsaf naar Mercurey, linksaf naar de ‘hoofdstad’ van de Côte Chalonnaise, Chalon-sur-Saône. Wij rijden rechtdoor Germolles binnen, bekend om een van de weinige bewaard gebleven residenties van de hertogen van Bourgogne: Château de Germolles.
In het spoor van Patrick Matthews: La Vallée des Vaux
Na binnenkomst van Germolles slaan wij direct rechtsaf. Deze weg (D48) voert ons, na het dorp Mellecey, door La Vallée des Vaux. Wat mij betreft de ‘geheime tuin’ van de Bourgogne— enigszins bevooroordeeld, want hier ligt mijn bourgondische residentie. Patrick Matthews had hier in 2005 al oog voor, zowel voor de pittoreske wijndorpen in het dal als voor die tegen de hellingen. Terecht merkte hij op: “The wines aren’t expensive.” In eerdere bijdragen over Givry en La Vallée des Vaux werden al diverse bezoekwaardige domeinen genoemd. Ook hier bewijst de Guide des Caves 2020 zijn nut (gratis verkrijgbaar bij de meeste VVV’s).
Om de lezer niet met lege handen achter te laten, noem ik enkele persoonlijke favorieten. Allereerst de rode Givry 1er Cru van Domaine Monneret Père et Fils in Saint-Mard-de-Vaux: overheerlijk en nog altijd vriendelijk geprijsd. Het kan dus nog, in Bourgogne. In hetzelfde dorp ligt Domaine du Four Bassot, onlangs door Bourgogne Aujourd’hui uitgeroepen tot découverte. Verder noem ik de elk jaar fraaiere Bourgogne Aligoté van Domaine Narjoux-Normand in Saint-Martin-sous-Montaigu (proef ook hun rode Bourgogne Côte Chalonnaise en Mercurey). In Saint-Denis-de-Vaux is het uitkijken naar Domaine de l’Évêché, waarvan de wijnen regelmatig goed scoren bij het proefpanel van Bourgogne Aujourd’hui.
In het spoor van Patrick Matthews: rondom de E607 (N80)
Waar La Vallée des Vaux een natuurlijke grens vormt tussen de AOC’s Mercurey en Givry, vervult de drukke E607 (voormalige N80) een vergelijkbare rol tussen Givry en Montagny, zij het op een minder charmante manier. Rond deze weg liggen interessante wijndorpen als Jambles (waar de meest oostelijke wijngaarden onder de AOC Givry vallen), Moroges en Rosey. Het meest in het oog springt echter Saint-Désert, met het kleurrijke dak van zijn kerk. Hier is onder meer Domaine Michel Goubard et Fils gevestigd, wellicht bij onze zuiderburen bekender vanwege de rode Bourgogne Côte Chalonnaise die bij Carrefour in de schappen ligt. Matthews schreef: “Lightish red from the slopes of Mont-Avril” en sprak verder van “some well-made Givry. Also a bargain.”
In zijn boek besteedt Matthews ook ruime aandacht aan Domaine des Moirots (Christophe Denizot) in het zuidelijker gelegen Bissey-sous-Cruchaud: “All his wines, from the Montagny to the Givry, are good. Some are very good.” Mijn tip is de Montagny 1er Cru ‘Le Vieux Château’. Al met al een van Matthews’ beste adviezen binnen de Côte Chalonnaise. De stijl van het domein spreekt mij bijzonder aan: eerlijke, pure Bourgognes met achter een ogenschijnlijk eenvoudige façade verrassend veel diepte. Liefhebbers van rood wijs ik op zijn Givry, zowel de village als de 1er Cru ‘À Vigne Rouge’. Bezoek uitsluitend op afspraak; doorgaans word je ontvangen door Muriel, de zus van, die dit met zichtbaar plezier regelt.
In het spoor van Patrick Matthews: aan de zuidrand van Montagny
De AOC Montagny wordt, naast Buxy en Montagny-lès-Buxy, geproduceerd in Saint-Vallerin en Jully-lès-Buxy. In en rond deze wijndorpen, tot aan het zuidelijkste punt van de Côte Chalonnaise bij Culles-les-Roches, valt veel te ontdekken. De laatste jaren ben ik steeds meer gecharmeerd geraakt van het brede en uitstekende aanbod van Domaine la Renarde in Jully-lès-Buxy. Dit domein, dat zich stap voor stap heeft losgemaakt van twee coöperaties, wordt geleid door twee jonge, enthousiaste wijnbouwers die hun vak verstaan en hun kennis graag met jou delen.
Patrick Matthews schreef in 2005 over Domaine Le Grégoire, dat toen net van eigenaar was gewisseld: “It has had some good Montagny in the past – worth a visit to see how things are developing.” In 2018 werd ik rondgeleid in de pas geopende Cave aux Montagny in Buxy, een promotiepunt voor lokale wijnbouwers. Een van de hoogtepunten die middag was de Montagny 1er Cru ‘Les Vignes Soleil’ 2015 van Domaine Le Grégoire. Dat het inmiddels weer snor zit in Culles-les-Roches, staat buiten kijf — het domein presenteert zich tegenwoordig ook onder de naam van de eigenaar: Domaine Pascal Degueurce.