Deze blog/bijdrage lag nog op de plank.

In zowel muziek als wijn speelt een eerste ervaring een grote rol. Wat we voor het eerst horen of proeven nestelt zich niet alleen in het geheugen, maar wordt vaak een referentiepunt voor alles wat volgt. Psychologen spreken in dit verband van anchoring bias, al dekt die term maar ten dele de lading: het gaat niet alleen om een cognitieve vertekening, maar ook om herinnering, emotie en context. Een eerste indruk is zelden objectief; ze wordt altijd gekleurd door de omstandigheden waarin ze ontstaat — onze stemming, de omgeving en de verwachtingen waarmee we luisteren of proeven. Juist die gelaagdheid maakt haar zo blijvend.
Dat besefte ik bij mijn eerste kennismaking met Mozarts 38e symfonie, de Praagse, uitgevoerd door de Berliner Philharmoniker onder leiding van Karl Böhm. Voor mij was die ervaring beslissend, niet omdat het de “beste” uitvoering was — ik kende Mozarts oeuvre nog nauwelijks — maar omdat alles op dat moment samenkwam en indruk maakte. Sindsdien fungeert dat moment, bewust of onbewust, als referentiepunt. Andere interpretaties kunnen even rijk of overtuigender zijn, maar elke afwijking voelt nog altijd als een verschil ten opzichte van die eerste luisterervaring.
Ditzelfde mechanisme speelt in de wereld van wijn. In de zomer van 2005, tijdens mijn eerste reis door de Bourgogne, kocht ik in Beaune een Marsannay van Château de Marsannay, die tussen de koopjes in een rieten mand lag. We openden de fles die avond, zonder uitgesproken verwachtingen, maar met de lichte spanning die hoort bij een verblijf in de Bourgogne.
Niet alleen door wat er in het glas zat, maar ook door de ervaring eromheen — de ontdekking van een onbekende wijnregio, het reizen zelf, en het gevoel iets nieuws te proeven dat tegelijk vertrouwd leek. Sindsdien is deze Marsannay, bewust of onbewust, een referentiepunt gebleven voor latere ervaringen met de Bourgogne.
Later dronk ik prachtige wijnen uit Gevrey-Chambertin, Chambolle-Musigny en Vosne-Romanée. Sommige waren complexer, verfijnder, misschien zelfs “beter” in klassieke zin. Maar geen van die wijnen riep precies hetzelfde gevoel op als die eerste Marsannay. Wat telkens terugkeert, is niet zozeer de smaak zelf, maar een vorm van herkenning — alsof elke nieuwe fles zich, hoe subtiel ook, verhoudt tot dat eerste moment. Zo wordt wijn nooit alleen op zichzelf beoordeeld, maar altijd in relatie tot wat eraan voorafging.
Dat gevoel van vertrouwdheid maakte ook de Marsannay ‘Le Champsforeys’ 2022 van Domaine du Vieux Collège bijzonder. Niet omdat deze wijn voortdurend imponeerde, maar omdat hij iets opriep wat eerder al eens was aangeraakt. Het is precies die terugkerende resonantie die maakt dat je naar eenzelfde wijn blijft terugkeren, zelfs wanneer die niet per se de “beste” is. Daarin schuilt een deel van de aantrekkingskracht van wijn: hij overstijgt de smaaksensatie en raakt aan herinnering en emotionele echo.
Toch draait wijnbeleving niet alleen om herkenning, maar ook om de intensiteit van het moment zelf. In 2024 proefde ik voor het eerst een Montrachet. Enkele weken later memoreerde ik die ervaring bij een caviste in Beaune. Hij vroeg wat ik ervan vond. Ik antwoordde: “30% die Montrachet zelf, 70% pure opwinding.” De caviste lachte en zei: “Maar is dat niet waar het om gaat: die opwinding bij het drinken van een goede Bourgogne?” Die opmerking bleef hangen, juist omdat ze iets blootlegde wat zich moeilijk laat reduceren tot smaak alleen.
Wijnwaardering is daarmee niet slechts een kwestie van wat er objectief in het glas zit. Het is een samenspel van waarneming en geheugen, waarbij de grens tussen proeven en meenemen voortdurend verschuift. Wanneer we wijn drinken, ervaren we niet alleen wat er in het glas zit, maar ook wat zich eerder heeft vastgezet in ons geheugen: verwachtingen, eerdere ervaringen en de gemoedstoestand van het moment. Misschien schuilt juist daarin de aantrekkingskracht van een grote Bourgogne: dat hij niet alleen smaakt, maar telkens opnieuw iets in beweging zet dat al eerder in gang was gezet.