
Côtes du Couchois is vernoemd naar de plaats Couches. Aan de rand van de bebouwde kom ligt Château de Couches, een kasteel met alles erop en eraan: uitkijktoren, ophaalbrug, kapel en wijngaarden. Het kasteel is vernoemd naar Marguerite de Bourgogne. Zij zou met een of andere koene ridder een scheve schaats hebben gereden, iets wat haar man haar niet in dank afnam. Hij sloot Marguerite op in Normandië, waar zij ook zou zijn gestorven. De legende vertelt echter dat haar nicht, Maria van Couches, Marguerite in het diepste geheim zou hebben opgevangen, zodat zij in alle anonimiteit nog een kleine twintig jaar aan haar leven kon vastplakken. Elk historisch bewijs ontbreekt. Maar in Couches hebben ze een kasteel met een beroemde naam, en de omringende wijngaarden zijn onmiskenbaar echt.
Côtes du Couchois is een kleine vlek op de wijnkaart van Bourgogne. De jonge appellation régionale ligt ten zuiden van de Hautes-Côtes de Beaune. Het wijndistrict kent twee gezichten. Enerzijds tref je er enthousiaste wijnbouwers die jaar na jaar proberen de kwaliteit van hun wijnen te verbeteren. Anderzijds wordt hier een wijn gemaakt waarvan de nieuwe naam, ondanks het noeste werk van diezelfde wijnbouwers, relatief onbekend is gebleven.
Sinds het einde van de jaren vijftig van de vorige eeuw groeide de ambitie om erkenning te krijgen voor het unieke karakter van het terroir van de Côtes du Couchois. Diverse inspanningen resulteerden zo’n twintig jaar geleden, in 2000, in de creatie van de AOC Bourgogne Côtes du Couchois. Deze appellation régionale geldt uitsluitend voor rode wijn, gemaakt van de pinot noir-druif. Het productiegebied is verdeeld over zes gemeenten ten noorden van Couches, waarbij ook de gemeente Couches zelf deel uitmaakt van de appellation.
Niet iedereen was gelukkig met de nieuwe appellation. De naamsverandering stuitte vooral tegen de borst van enkele lokale wijnbouwers, die hun wijnen liever bleven verkopen onder de bekendere naam ‘Hautes-Côtes de Beaune’ of simpelweg ‘Bourgogne’. Bovendien moesten zij zich volgens de nieuwe AOC-regels houden aan lagere opbrengsten per hectare en tegelijkertijd een nieuwe naam zien te introduceren op een toch al drukke wijnmarkt. “They have not an easy time,” schreef Patrick Matthews in 2005 over de wijnbouwers van de Côtes du Couchois.
En nu? In vrijwel alle wijnwinkels in Beaune — ja, in Bourgogne durf ik wel te stellen — schittert de Côtes du Couchois door afwezigheid. In boeken over wijn in Bourgogne is weinig tot niets te vinden over dit kleine wijndistrict. Tot voor kort was er nog een vermelding in de jaarlijkse wijngids van Hugh Johnson. Maar sinds zijn lievelingsdomein, Les Champs de l’Abbaye, zijn wijngaarden in de Côtes du Couchois van de hand deed en verhuisde naar de Côte Chalonnaise (Aluze, nabij Mercurey), acht hij een vermelding blijkbaar niet langer nodig. Met de zinsnede “de krachtige rode wijn bevat behoorlijk wat tannine” bood hij de promotie van de Côtes du Couchois in elk geval weinig support.
Toch raakte Hugh Johnson hiermee wel de achilleshiel van de Côtes du Couchois. Het is over het algemeen een lichte en fruitige rode Bourgogne, maar wanneer hij te jong wordt gedronken, blijkt het vaak een tanninerijke wijn. Dat erkent ook Patrick Matthews, al heeft hij over mensen die de kurkentrekker te snel hanteren een uitgesproken mening: “They don’t always get the point.”
Ik verwachtte niet dat ik na één bezoek aan de Côtes du Couchois dit kleine wijndistrict al in een paar rake schetsen zou kunnen duiden. Maar met een gezonde portie nieuwsgierigheid stapte ik wel in de auto, met het verfomfaaide boek van Patrick Matthews naast me — to the rescue.